Mijn avontuur bij de sportarts: planken en andere acrobatische hoogstandjes

Jullie hadden nog wat te goed van mij. Namelijk het laatste deel van de zoektocht naar de bron van mijn heupblessure. Zo, dat is een hele mond vol. We zijn inmiddels via de fysiotherapeut en de huisarts bij de sportarts beland. Ik kan alvast verklappen dat hij uiteindelijk een oordeel zal vellen dat helaas niet zo spannend is. Tsja, na al mijn blessureverhalen had ik jullie graag van een spannende finale voorzien maar dat zit er jammer genoeg niet in. Mijn afspraak bij de sportarts was interessanter dan de uitkomst van de testjes.

Ik ben ongeveer een kwartier bij de beste man in zijn kantoor geweest voor een soort van vleeskeuring. Na de standaard vragen die op de automatische piloot gesteld werden, was het tijd om uit de kleren te gaan. Voor mij dan hè. Dat klinkt niet bijzonder, want dat moet meestal als je bij een arts komt, maar dat was het dus wel. Meestal als het uitkleedmoment daar is, trekt de arts (of andere specialist) zich keurig terug. Hij of zij loopt even weg uit de behandelruimte of is ineens héél druk met de computer. Die ‘I don’t care-houding’ vind ik altijd wel prettig. Ook al ziet diegene je een paar minuten later alsnog halfnaakt, je hebt toch nog een beetje het idee dat je privacy hebt. Of zo.

De sportarts waar ik was, dacht daar duidelijk anders over. Op het moment dat ik heel charmant mijn dikke trui uit begon te trekken, begon ie het tafereel achterover hangend vanuit zijn stoel te aanschouwen. Bij elk laagje dat uitging, werd ik van top tot teen gekeurd. Dat was een aparte ervaring. Nu had ik er geen moeite mee om mijn kleren uit te doen, want dat moest toch een keer gebeuren. Maar het voelt eerlijk gezegd wel wat ongemakkelijk als je zo uitvoering gescreend wordt. Kijk, als ik het lichaam van Doutzen Kroes zou hebben dan had ik er waarschijnlijk een enorme uitkleedshow gemaakt. Maar voor het lichaam van een topmodel moet ik nog wel wat rondjes lopen, vrees ik .

Goed, ik heb het uitkleden prima doorstaan. Als zeg ik het zelf. Vervolgens begon het technische gedeelte van het onderzoek. Of ik even op één been wilde staan, met mijn vingertoppen de grond wilde raken, mijn knieën naar mijn kin wilde brengen en meer van dat soort fratsen. Natuurlijk, doen we! Of eigenlijk, dat probeerde ik te doen. Aangezien mijn stabiliteit en lenigheid af en toe te wensen overlaat. Wonder boven wonder slaagde ik voor het eerste deel van de test. Oke, ik heb een beetje platvoeten (dat is oud nieuws) en een holle rug, maar daar kun je prima mee leven.

Het tweede gedeelte van het onderzoekje was iets confronterender. Mijn benen werden weer in allerlei niet-relaxte standen geduwd en dat ging volgens de sportarts wel soepel. Ja, mijn heupen laten zich niet zo makkelijk beroeren, maar dat was geen zorgelijk probleem. Ik was dan ook even bang dat ik zonder diagnose weer naar huis werd gestuurd. Die angst was van korte duur, want het was tijd voor core stability oefeningen . Shit, daar ben ik dus echt heel erg slecht in. Ik heb alleen organen en wat vet in mijn buik zitten. Geen buikspier te bekennen en laat je die nu nét nodig hebben bij balansoefeningen.

Nou daar ging ik. Van planken steunend op twee armen naar planken steunend op mijn rechterzij en via mijn linkerzij naar de ‘Supermanpositie’. Je had er eigenlijk bij moeten zijn, want het was werkelijk hilarisch. Met een hoofd als een tomaat lag ik trillend op de behandeltafel. Hijgend en puffend kon ik met moeite tien seconden planken. Ai, pijnlijk. Die sportarts heeft waarschijnlijk de tijd van zijn leven gehad.

Na dat stukje acrobatiek van mijn kant was het voor hem wel meteen duidelijk waar mijn vage heupklachten vandaan kwamen. Nou, op deze diagnose hebben jullie dan al die tijd op gewacht: doordat ik hypermobiel ben, is mijn balans en stabiliteit om te huilen. Ik dacht zelf, serieus, dat het nog wel meeviel. Maar ik moet dus de komende tijd onder begeleiding van een sportfyisotherapeut werken aan mijn buik- en rugspieren. Daarnaast moet ik wat soepeler in de heupjes (en onderrug) worden. Door stijfheid en het gebrek aan kracht in deze ‘gebieden’ kan het maar zo zijn dat mijn heupen en lies niet lekker bewegen. En dan krijg je irritatie, overcompensatie en meer van dat soort ellende. De sportarts vond het een goed idee om het lopen op een laag pitje te zetten en vooral te focussen op het sterker maken van mijn lichaam. Dan kan ik het hardlopen over een tijd weer rustig opbouwen.

Ik ben nu eenmaal eigenwijs aangelegd en ik kan het niet over mijn hart verkrijgen om te tijdelijk te stoppen met hardlopen. Maar ik moet naar mijn lichaam luisteren en daarom heb ik besloten om één keer in de week te blijven lopen met mijn maatjes. Als ik een goede week heb dan ga ik misschien stiekem nog een keer voor mezelf lopen. En voor de rest? Planken tot ik erbij neerval!

running-240221-m

Ik houd jullie op de hoogte!

Lees ook:Het leed dat blessure heet Part IV
Lees ook:Maak je romp ijzersterk met deze oefeningen
Lees ook:Waarom is hardlopen nu eigenlijk zo leuk?
Lees ook:Het leed dat blessure heet Part II
Lees ook:De gedachten van een hardloper

Geen reacties // Reageer

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Naam

Website

Het kan vijf minuten duren voordat nieuwe reacties zichtbaar zijn.

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>